Loading...
Voordelen en milieuprestaties2018-04-12T12:30:46+00:00

Voordelen en milieuprestaties

Milieukeurmerken zijn vooral toegespitst op verliessmeermiddelen of middelen die na ongelukken tijdens werkzaamheden schade aan het milieu kunnen veroorzaken. Bij biosmeermiddelen gaat het om producten die bij gebruik minder milieubelastend zijn omdat ze weinig risico inhouden voor het leven in water en bodem (en minder gezondheidsrisico’s veroorzaken); bij voorkeur bestaan ze grotendeels uit hernieuwbare grondstoffen.

Door biosmeermiddelen te gebruiken kan de milieuvervuiling worden beperkt. Biosmeermiddelen zijn ook veiliger voor mensen op de werkvloer; door minder huidirritatie, een hoger vlampunt bij dezelfde viscositeit, en lagere gehaltes en emissies aan vluchtige organische stoffen (VOS). De milieuvriendelijkheid van biosmeermiddelen kan leiden tot lagere milieu- en veiligheidsboetes of saneringskosten, door beperktere aansprakelijkheid en kosten bij sanering van lekkages en ongelukken.

Het gebruik van smeermiddelen op basis van hernieuwbare grondstoffen verlaagt het broeikaseffect en vermindert de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen. In de huidige klimaatdiscussie komt er meer aandacht voor de invloed van toegepaste smeermiddelen op het energieverbruik van waterbouwkundige objecten en installaties. Daar is ook wel reden voor aangezien er claims zijn dat bij toepassing van bepaalde smeermiddelen (zowel met als zonder milieukeur) 10-25% energiebesparing kan worden gerealiseerd. Bij de huidige milieukeuren is dit echter nog geen criterium.

Er zijn wel eisen aan het gehalte aan hernieuwbare grondstoffen. Bij het Europese Ecolabel smeermiddelen is dit voor hydraulische olie 50%, voor vet 45% en voor verliessmeermiddelen 70%. Keurmerk Blauer Engel stelt dat de basisolie van vetten (die circa 80% van het product uitmaken) uit plantaardige of synthetische esters moet bestaan. Daarmee wordt de hoeveelheid fossiele grondstoffen en CO2 die in het ecosysteem vrijkomen beperkt. Er is echter ook discussie over de bijdrage van verschillende plantaardige oliën aan de CO2-emissies en de milieubelasting (door de keuze en herkomst van het gewas en de wijze van productie).

Biosmeermiddelen kunnen daarnaast voor extra energiebesparing zorgen dankzij een hogere viscositeitindex en betere warmteoverdracht. Het voordeel van een hogere viscositeitindex is dat voor een bepaalde toepassing voor biosmeermiddelen uit lagere viscositeitklassen kan worden gekozen dan in het geval van minerale smeermiddelen. De lagere viscositeit voor biosmeermiddelen heeft, gecombineerd met een betere warmteoverdracht, een aanzienlijke energiebesparing tot gevolg.

De invloed van het toegepaste smeermiddel op het energieverbruik van installaties (en de CO2-emissies/het broeikaseffect) wordt in eerste instantie bepaald door wrijving. Op termijn kunnen o.a. ook de slijtage van onderdelen en de standtijd (levensduur) van het smeermiddel van invloed zijn. Als dit op betrouwbare wijze voldoende gekwantificeerd kan worden, zou dit bijvoorbeeld door LCA-studies bij een volgende herziening van de criteria voor het Europese Ecolabel meegenomen kunnen worden.

In verschillende Europese landen en regio’s hebben keurmerkinstellingen criteria opgesteld waaraan smeermiddelen moeten voldoen om een milieukeurmerk te mogen dragen. Aan de hand van nauwkeurig omschreven criteria zoals: biologische afbreekbaarheid (biodegradatie, persistentie en bioaccumulatie), (aquatische) toxiciteit en andere milieu- en gezondheidsrisico’s, en de mate waarin de smeermiddelen zijn gebaseerd op hernieuwbare grondstoffen, kunnen smeermiddelen in aanmerking komen voor nationale milieukeurmerken ( zoals Blauer Engel, Zweedse Standaard of Nordic Swan).

Een vergelijking van milieukeurmerken voor smeermiddelen laat zien dat geen twee labels aan elkaar gelijk zijn. Mede om hier de definities te harmoniseren is in 2005 het Europees Ecolabel voor smeermiddelen in het leven geroepen.
Binnen het huidige aanbod van biosmeermiddelen kunnen twee klassen van milieuvriendelijkheid worden onderscheiden.

Bijlage: Duurzaamheidseisen stellen aan de aanschaf van biosmeermiddelen.

Inzameling van afgewerkte olie en vet